Willy en Marcel Brou

Uit: Le Secret d’Adam. Bruxelles, Office internationale de librairie. DL 1971:

"De Brunehaultmenhir bij Hollain (België) in de vorm van een rechthoekig trapezium is gewijd aan Gallië.
De vorm komt overeen met het trapezium op de kaart van Frankrijk dat ontstaat wanneer enkele belangrijke plaatsen door lijnen met elkaar worden verbonden. De basis van de steen maakt deel uit van de lijn die loopt van St.Avère naar de Cap Ortégal, niet ver van St. Jaques de Compostelle en Cap Finisterre"



Bij het dorpje Waha bevindt zich een reuzensteen (de omgekeerde menhir, nu de Sint-hubertussteen genoemd), in de directe nabijheid van de pre-Romeinse steenweg Bavay-Trier, en in de onmiddellijke omgeving van een Romeinse zijweg (diverticulum).
Dat diverticulum, met als richting Z-W en N-O, vormde de verbinding tussen twee oude steenwegen, Bavay-Dinant-Rochefort-Nassogne-Bastogne-Trier  en Tongeren-Amay-Hotton-Bastogne-Arlon-Metz.

Uit: de brochure Waha 1050, zijn verleden & zijn romaanse kerk, naar W. en M. Brou.

Robert Dehon, Sacrale Geografie, Bres no.94, juni 1982:

"De gebroeders Willy en Marcel Brou ontdekten een traliewerk van rechte wegen vertrekkend vanuit eenzelfde punt: de stad Bavay in Noord-Frankrijk, tussen Valenciennes en Maubeuge.
Hoewel het in hun boek, "Chaussées Brunehault (1969)", behandelde onderwerp niets met leys als zodanig heeft te maken, is de gelijkenis toch treffend. Vanwege de uitgestrektheid van haar exploratieterrein is de Gallo-Romeinse hoofdstad Bavacum Nerviorum (Frankrijk) veruit het belangrijkste voorbeeld, maar jammer genoeg ook miskend. Men treft er slechts fondementen aan, maar dan wel over een oppervlakte van 199 bij 300 meter,en wat de structuur boven de grond betreft tast men in het duister.

Van het centrum van Bavay uit vertrekken zeven wegen, Brunehaultwegen genaamd, die het geraamte vormen van het onder de naam ‘heirwegen’ bekende Romeinse wegennet in België en Frankrijk.
Hier volgt een precieze beschrijving die u zelf kunt verifiëren aan de hand van stafkaarten.

Bavay-Tongeren-Maastricht-Keulen (rechtlijnig tot Gembloux)
Bavay-Doornik (rechtlijnig tot Mons)
Bavay-Blicquy (rechtlijnig tot Hensies Bavay-Asse (rechtlijnig van Mons tot Asse, alleen het gedeelte Bergen-Bavay vertoont een bocht
Bavay-Trêves/Trier (rechtlijnig tot Dinant) Bavay-Reims (geheel rechtlijnig) Bavay-Soissons (rechtlijnig tot Saint-Quentin)"











Bruno Skerath,
West Rijnland (gallia Belgica) en de metamorfose van het Keltendom, 1980.
Met kaarten van Skerath, vrij naar Willy en Marcel Brou 1969 en 1973.

"In Belgie vinden we oeroude kaarsrechte wegen die met behulp van viseerlijnen zijn ontstaan. Een viseerlijn of straal is een op een ster of planeet gerichte lijn, die is geprojecteert op de aarde.
Ze werden Bruneholdewegen genoemd, sporen van hun tracés zijn nog makkelijk terug te vinden. Het zijn er zeven, die in Bavai bij elkaar komen. Op het marktplein van Bavai staat een gedenkzuil waarin de zeven wegen zijn aangegeven".

"Wanneer de lijn Trier - Bavai - Boulogne wordt doorgetrokken komt deze uit in Stonehenge. Zoals bekend een prehistorisch observatorium. De lijn Paderborn - Salm-Chateau - Ortho-Mousny loopt naar Reims.
De lijn Paderborn - Bavai loopt naar Amiens. Reims en Amiens worden door een viseerlijn verbonden, die ook in Stonehenge uitkomt.
Zowel Paderborn, de Externsteine, en Stonehenge zijn belangrijke viseercentra geweest."

Externsteine:
"Het heiligdom bestaat uit een reeks natuurlijke rotsen, die uit het landschap oprijzen. In de grootste ervan is een tempel uitgehakt. Verder bevat de z.g. torenrots in de top een prehistorisch observatorium van waaruit de standen van zon, maan, planeten en sterren werden gevolgd om het jaarverloop, seizoen en hoogtijdagen te kunnen vaststellen. Hier bevond zich ook de heilige germaanse zuil, de Irminzuil, die waarschijnlijk o.m. een functie had als viseerapparaat".

Zie ook bij Projecten: "Heilige linien"