Charles Walker


Uit: Sites of mysterie and imagination. Hamlyn publ. group Ltd, London 1990.

Er kunnen verbanden zijn tussen de patronen van sterrenbeelden (bijv.grote beer) en plaatsen waar zich kathedralen bevinden. Maar het verbinden van plekken op moderne kaarten door rechte lijnpatronen is weer iets anders.  Veel van het werk dat door Wilhelm Teudt , is gedaan in Duitsland (dertiger jaren), betrof het trekken van de z.g. "Heilige Linien". Een goed voorbeeld daarvan zijn de metingen en bevindingen van H. Röhrig, die aanwijzingen van Teudt heeft opgevolgd, hetgeen resulteerde in een Heilige Lijnen onderzoek in Ostfriesland.

"Heilige lijnen" zijn rechte lijnen die kerken en oudere heilige plekken verondersteld werden te verbinden. Het totaal van deze lijnen vormde een netwerk van horizontale en verticale lijnen. Dit zegt meer over de Duitse behoefte aan precisie en beduidend minder over heilige plaatsen en leylijnen.

De waarheid is dat dit soort oriëntatiepunten vrij makkelijk op kaarten kunnen worden gevonden vanwege de beperkte schaal, en een behoorlijke afwijking kunnen toelaten. Soms meerdere kilometers in het werkelijke landschap. Bovendien mogen we ons de vraag stellen als we het hebben over het onderzoek naar heilige lijnen, in hoeverre de moderne projectiemethoden (GPS bijv.) overeenkomen met de vroegere methodes van onze voorouders toen ze hun heilige plaatsen hebben vastgesteld en gebouwd.

Wanneer we in het landschap een aantal observatiepunten kunnen verbinden door een rechte lijn, wil dat nog niet zeggen dat deze lijn op de kaart ook een rechte lijn is. Stel dat we ons onderzoek naar een vermeend oriëntatiepunt zouden doen met een goede detailkaart en een opvouwbare duimstok, en één enkele rechte lijn welke van noord naar zuid loopt gaan traceren, wat is daar dan het nut van. Temeer wanneer blijkt dat de gevonden lijn plaatsen verbindt die helemaal geen heilige plaatsen zijn? En wat is het doel van zo’n verbinding van plaatsen die dat wel zijn.

Zonder twijfel bestaan er aardenergetische banen en is het een feit dat de oude pelgrimswegen deze energiebanen volgden. Maar al het bewijsmateriaal omtrent deze energiebanen laat zien dat ze nooit in een rechte lijn lopen.
Toch werd de Teudt-methode populair in onze tijd, ondanks z’n onbetrouwbare uitgangspunt en veel esoteristen hebben veronderstelde oriëntatielijnen laten samenvallen met allerlei plaatsen op kaarten op een wijze die vermoedelijk nogal merkwaardig zou overkomen op onze voorouders. 

Natuurlijk is op overtuigende wijze aangetoond dat onze voorouders hun bouwwerken zodanig oriënteerden dat er een betekenisvolle relatie ontstond ten opzichte van de sterren en de hemel. Echter is een waarschuwing op z’n plaats inzake te snelle conclusies dat rechte langeafstands oriëntatielijnen een betekenis zouden hebben als tellurische of aardenergie banen, of anders gezegd als leylijnen.
De waarheid is namelijk dat de natuur zelf zich niet in rechte lijnen manifesteert, maar draaiend en golvend. Dat is in tegenspraak met rechte lijnen en rechthoekige patronen. Men mag menselijke ingrepen niet verwarren met natuurlijke eigenschappen.