<

 

Belangrijk voor het rizomatisch denken is dat er veel ingangen en uitgangen bestaan (vergelijkbaar met de loopgangen van een mol).
Er is geen hoofdas en geen dieptestructuur (dat zijn immers alle doodlopende straten).

Het denken van de filosoof Gilles Deleuze sluit aan bij het denken in termen van dynamiek. Deleuze stelt in de plaats van een denken aan de hand van een boomstructuur (de ene boom met wortels = hiërarchie, natuurlijk organisch gegeven), een rizomatisch denken aan de hand van een veelheid van lijnen en vertakkingen die niet van tevoren vastgelegd zijn en dus niet representeerbaar zijn (zoals de boom).

Een rizoom, zo zegt hij, is een "niet-hiërarchisch en niet-betekenisdragend systeem dat uitsluitend bepaald wordt door een circulatie van toestanden, zonder Generaal, zonder een organiserend geheugen of centrale automaat".


Een rizoom verbindt een willekeurig punt met een ander willekeurig punt; het kan zelfs gebeuren dat een rizoom met wortels vergroeid raakt, maar belangrijk is dat er steeds weer vluchtlijnen ontstaan.

Als dat niet het geval is, wordt van het rizoom weer een boom gemaakt en dan, zo zegt Deleuze, is het afgelopen: "dan kan het verlangen niet meer stromen. Want het verlangen is alleen beweeglijk en productief in een rizoom. Iedere keer als het verlangen een boom volgt, stort het ineen en komt het uit op de dood".

 

Modellen van een rizomatisch denken vind je wanneer je de boomvorm verlaat - de boomvorm vertegenwoordigt de macht van de staat - en via vluchtlijnen en vertakkingen in contact komt met een buiten. Daarover zegt Deleuze: het ziet ernaar uit dat dit denken alleen "uit naam van een buiten kan worden gedaan. Het buiten kent geen beeld, geen betekenis en geen subjectiviteit".

 

Bron: Mariage de Raison (België)


 

>> Meer over Deleuze, zie op de startpagina onder Kunstgeografie bij Teksten.