| < | Chronologisch overzicht van een aantal auteurs, kunstenaars en onderzoekers. | ||
![]() Galahad vindt de Graal. Op de achtergrond Parcifal en Bors. Wandkleedontwerp van Edward Burne-Jones, uitgevoerd in de werkplaats van William Morris (na 1855) | |||
Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) noemt het gebied van Monserrat (Spanje) als een Graalgebied, op grond van een beschrijving van de hermitages in de rotsen rond de Montserrat, van Alexander von Humboldt, geoloog, bioloog, klimatoloog. | |||
Alfred Tennyson (1809-1892), las als jongen Geoffrey van Monmouth en Thomas Malory en raakte geheel in de ban van de Arthurverhalen die hem tijdens zijn leven niet meer zouden loslaten. Vooral de Britse Arthuropvatting werd door het bezoeken van Britse locaties in zijn gedichten vormgegeven. Zijn Arthurgedichten kwamen tussen 1832 –1873 tot stand. | |||
![]() 1 | Richard Wagner (1813-1883), als dichter en vooral als componist sterk beïnvloed door de romantische tijdgeest, heeft door zijn opera’s “Lohengrin” omstreeks 1848 en “Parsifal” omstreeks 1882, het verschijnsel "Graal" nieuw leven ingeblazen. | ||
![]() 3 | ![]() 4 | ||
| 1.Aankondiging van de eerste opvoering van de opera Parsifal in 1882 2.Ontwerp voor de graaltempel door Paul Joukowsky voor de eerste opvoering 3.schilderij van Max Brückner gebaseerd op het ontwerp van de graaltempel van Paul Joukowsky. 4.de graaltempelscene naar het ontwerp van Wieland Wagner in 1951 | |||
Occultisten als Lanz von Liebenfels( 1872-1954), oprichter van een NeoTempeliersorde en uitgever van een tijdschrift Ostara, waardoor contact met Adolf Hitler tot stand kwam en Guido von List (1848-1919), oprichter van het Guido-von-List-Gesellschaft, de Hohe Armanen Orden en eveneens uitgever, schreven over de Graal in de geest van de Ariosofische Rassenmystiek. Cultuurpessimisme, racisme, protonazisme en de Ariërs als het uitverkoren volk, waren de peilers waarop hun opvattingen steunden. (5,6) | |||
| |||
| |||
Werner Greub (1906-1997), antroposoof die door zijn eigenzinnige opvattingen een problematische relatie had met veel Steineradepten, noemt Nantua (Frankrijk) als het hof van Arthur; de Isteiner Klotz (Duitsland) als de Wonderburcht en de Hornikopf (Zwitserland) als de Graalburcht, op basis van een zeer grondige analyse van het werk van Wolfram von Eschenbach. (11) | |||
| |||
Otto Rahn (1904-1939), wetenschapper, gefascineerd door Wagners Parzival en de geschiedenis van de Graal, kwam in 1931 naar Gadal in Ussat om ter plekke onderzoek te doen. Hij werd leerling van Gadal, maar na zijn vertrek uit Ussat les Bains in 1933 is hij niet meer gesignaleerd. Hij is onder verdachte omstandigheden overleden. | |||
Dit (standaard)werk is gebaseerd op een grote hoeveelheid primaire bronnen - pamfletten, boeken en brieven van de Oostenrijkse sectariërs die het geestelijk klimaat bepaalden waarin Hitlers wereldbeschouwing gerijpt is. Goodrick-Clarke beschrijft minutieus duistere clubjes zoals de Thule Gesellschaft en Germanenorde, die personele en ideële banden onderhielden met de NSDAP, en Arische ideologen zoals de door Hitler bewonderde Lanz von Liebenfels. Het boek bevat een noten- en referentiedeel, een index en bibliografie (19) | |||
Michael Baigent, Richard Leigh en Henry Lincoln (Het Heilig Bloed en de Heilige Graal), Richard Andrews en Paul Schellenberger (De Tombe van God) en Jos Bertaulet (De verloren Koning en de bronnen van de Graallegende), leveren geen bijdrage in de discussie aangaande mogelijke bewijsvoering omtrent een nieuwe locatie voor het hof van Arthur of de Graalburcht. Wel dragen ze ieder op hun eigen wijze bij aan het denken over de Graal, het Graalgeslacht en de lotgevallen der personages, en verbinden deze lotgevallen met eigen historische interpretaties. (14,15,16) | |||
Günther Ebersold levert een opvallende bijdrage in het benoemen en localiseren van diverse Graalburchten in Europa en het MiddenOosten. (17) | |||
| |||